Sinds drie jaar wordt er theaterles gegeven. In deze lessen wordt ernaar gestreefd de associatieve vermogens van de kinderen te ontwikkelen. Zij leren vaardigheden om zich in woord en gebaar uit te drukken. Bij theater leren kinderen zich te bewegen in de ruimte, hun verbeelding te gebruiken in de handelingen en bewegingen en zichzelf te presenteren. In de interactie met een ander gaat het om luisteren naar elkaar en samenwerken.
Taal is een belangrijk aspect, dat kan onder andere in de gesproken dialogen of het in koor opzeggen van een gedicht tot uiting komen.
Kunst bestaat bij de gratie van publiek. Dat geldt ook voor beeldend werk en nog meer voor theater omdat het gemaakt wordt terwijl het publiek ernaar kijkt. Of er wel of niet naar een schildering gekeken wordt verandert niets aan de schildering, maar wel aan theater. Het is wezenlijk anders of je je kunsten vertoont voor een lege tribune of voor een publiek dat reageert op wat er gebeurt. Daarom worden lessenseries steeds afgesloten met een presentatie voor medeleerlingen.
Voor de groepen 3,4 en 5 zijn er theaterlessen tijdens het speelwerken. Voor de groepen 6,7 en 8 zijn er blokken van 10 theaterlessen in een jaar.
Voor de kinderen die meer aan theater willen doen is er de mogelijkheid om in de verlengde schooldag een serie van ongeveer vijftien lessen te volgens met als afsluiting een presentatie voor ouders en andere belangstellenden.